Sparen is zeker, beleggen levert op de lange termijn naar verwachting meer op. Vul je startbedrag, je maandelijkse inleg en je horizon in en zie het verschil in eindbedrag en in koopkracht, na kosten, box 3 en inflatie.
Indicatie op basis van gemiddelden. Beleggen kan in een slecht jaar fors dalen; hoe langer je horizon, hoe kleiner de kans dat sparen wint. Laatst bijgewerkt: september 2026.
Eerst het rendement per jaar na belasting voor beide potjes, daarna de groei per maand over de horizon en de koopkracht.
| Stap | Berekening | Uitkomst |
|---|
Sparen levert een lage maar zekere rente op. Beleggen in een breed gespreid indexfonds leverde historisch gemiddeld rond de zeven procent per jaar op, maar met schommelingen. Door rente op rente wordt het verschil over twintig of dertig jaar groot.
Boven het heffingsvrij vermogen belast de Belastingdienst spaargeld tegen een laag forfaitair rendement en beleggingen tegen een hoog forfaitair rendement. Beleggen kost daardoor jaarlijks ongeveer twee procentpunt aan belasting, sparen minder dan een half procentpunt.
Inflatie maakt elke euro over twintig jaar minder waard. De koopkracht laat zien wat het eindbedrag in euro’s van vandaag betekent.
Voor geld dat je binnen een paar jaar nodig hebt, voor je buffer en voor wie slecht slaapt van koersschommelingen. Beleggen is voor geld dat tien jaar of langer kan blijven staan.
Rente-op-rente · Box 3 belasting 2026 · Actief beheer kost je levensjaren · Spaardoel
Laatst bijgewerkt: september 2026. Bronnen: Belastingdienst (forfaits box 3 2026).